SnappCar

Autodeelsite SnappCar kan dankzij investeerders snel groeien in Europa. De komende vijf jaar moet het aantal auto’s op de site vertienvoudigen waardoor er in totaal 5 miljoen minder auto’s nodig zijn. Ceo Victor van Tol vertelt waarom hij heel bewust eerst niet naar Duitsland wilde uitbreiden.

SnappCar werd in 2011 opgericht door Pascal Ontijd en Victor van Tol. Via het platform kunnen particulieren hun eigen auto verhuren en zelf bepalen hoeveel geld ze daarvoor willen. Het Utrechtse bedrijf breidde dankzij financieringsrondes in 2015 uit naar Denemarken en Zweden door lokale partijen over te nemen. Enkele maanden geleden volgde Duitsland. Founder Victor van Tol vertelt waarom het nu beter gaat dan ooit.

Waarom is Nederland te klein geworden?

Nederland is niet te klein voor ons, er is nog altijd ruimte om te groeien. Maar onze ambitie rijkt verder. Ons doel is om 500.000 auto’s aan te kunnen bieden op ons platform, waardoor er uiteindelijk 5 miljoen minder auto’s nodig zullen zijn. Nu hebben we 45.000 auto’s, dus dat betekent dat we de komende 5 jaar moeten vertienvoudigen. Om sneller te groeien hebben we in 2015 overnames gedaan in Denemarken en Zweden, en sinds een paar maanden in Duitsland. We verwachten zeker veel van de oosterburen omdat er daar 8 grootstedelijke gebieden zijn waar we kunnen groeien.

Hoe ver moet je zelf zijn voordat je kunt internationaliseren?

Je moet je model in eigen land onder controle hebben. En het gaat ook goed in de grootstedelijke gebieden. Dan is de vraag of we dat kunnen herhalen in het buitenland, waar we het zonder ons eigen vertrouwde netwerk moeten doen.

Victor van Tol, ceo SnappCar. Foto: SnappCar

Lessen leren in Scandinavië

Waarom koos je als eerste landen voor Denemarken en Zweden?

De meeste ondernemers kiezen voor buurlanden België en Duitsland. België wordt erg onderschat omdat je geneigd bent om te denken dat het een soort Nederland is. Terwijl het er juist extra complex is met een Vlaams, Frans en zelfs een Duits deel. En ook in Duitsland verslikken veel mensen zich. Dat leek ons niet slim, daarom wilden we liever testen in kleinere markten, om te kijken hoe ons model daar zou aanslaan en tegen welke problemen je bij internationalisering aanloopt.

En Denemarken en Zweden pasten in dat plaatje?

Ja, Denemarken lijkt cultureel op ons en daar konden we overname doen. We wilden het vooral via overnames proberen omdat de eerste stap het moeilijkste is. Het kost veel tijd om je eerste tractie op te bouwen. Min of meer toevallig kregen we ook de kans om snel in Zweden een overname te doen. Daarna dachten we; nu moeten ons vol een jaar op deze landen concentreren en daaruit lessen leren. Daarna zien we wel weer verder.

Welke lessen heb je geleerd?

Fundamenteel was; het uitrollen van autodeelplatform in andere landen is toch nog veel meer specifiek aan de lokale cultuur verbonden dan we hadden verwacht. Het is geen kwestie van je website en marketing vertalen en aanpassen aan de currency. Het werkt gewoon niet zo.

Succes in Duitsland dankzij testen in Scandinavië

Waar liep je tegenaan?

Dat het per land nogal verschilt hoe de auto-eigenaar over zijn bezit denkt. En welke motieven hij kan hebben om mee de doen met SnappCar. In Nederland speelt het sociale aspect erg mee. Mensen zien het als asociaal dat de auto het grootste deel van de tijd stilstaat en vinden het mooi wanneer andere mensen er gebruik van kunnen maken. In Zweden hoeft men niet per se de buurman te ontmoeten en vinden gebruikers het vooral fijn om extra geld te kunnen verdienen.

Hoe zorg je ervoor dat je dit soort lessen leert?

Door ervaringen te delen en echt lokaal te investeren in je community. Dan pas je bijvoorbeeld de visuals op de website in Zweden aan omdat men daar andere dingen belangrijker vindt. Doordat we in Zweden en Denemarken niet direct de juiste aanpak vonden, hadden we daar minder snel tractie dan gehoopt. Maar hierdoor konden we in Duitsland beter doordacht beginnen. Na 3 weken groeit onze community al, en dat is echt dankzij de lessen uit Denemarken en Zweden.

Dansen naar de pijpen van het hoofdkantoor

Wat hebben jullie daar fout gedaan?

We hebben best wel geworsteld met hoe je je team opbouwt. Eerst denk je een beetje arrogant; we regelen wel alles vanuit Nederland. Alles centraal houden, want dat is schaalbaar. Laat de andere landen maar dansen naar de pijpen van het hoofdkantoor. Maar we kregen van onze teams dat ze te weinig vrijheid hadden en de community klaagde: ‘jullie waren zo’n leuk Zweeds initiatief. Maar nu voelt het niet meer lokaal en minder persoonlijk’.

Wat deed je met die feedback?

Dan moet je graven naar wat je anders kunt doen. De regie houden we centraal, maar de uitvoering, de marketing en support moet vooral lokaal gebeuren. Dat soort lessen neem je mee met Duitsland.

Zoeken naar de juiste countrymanager

Hoe bouw je je teams op?

We moesten ook uitzoeken wat nu een goed type countrymanager is. Dat moeten ondernemende types zijn, maar ze moeten ook kunnen opereren binnen een groter geheel. In de nordics zagen we dat het niet werkt om de founder van de overgenomen startup dit te laten doen. Zij hebben het vanaf nul opgebouwd en zijn dus net zo eigenwijs als ik. Dan is het lastig om samen te werken. De extreme andere kant hebben we ook geprobeerd. Iemand met een corporate achtergrond en een zware CV; meer gericht op marketing en minder op tech. Maar om dan over te stappen naar een kleine satelliet, dat blijkt ingewikkeld.

Hoe vind je dan je juiste man of vrouw?

Bij ons werkte het het beste om via-via te zoeken in combinatie met lokale wervingsbureaus. Dat gaat je anders echt niet lukken vanuit Nederland. En mensen die op vacatures reageren, wil je niet per se hebben. Je moet dan veel met hagel schieten en dan goed screenen. Dat doen we met uitgebreide interviews, cases laten oplossen. Maar ook door samen uit eten te gaan.

Hard groeien

Aan wie had je het meest bij het internationaliseren?

Vooral mensen uit onze eigen netwerken, onze eigen partners. Maar ook via Dutch Basecamp. Zij brengen ondernemers bij elkaar. Dat is een entrepeneursclub in Nederland, maar ook in Duitsland. Hier kan je als ondernemers onderling goed sparren.

Waar ben je over 5 jaar?

Ons doel is om over 5 jaar 500.000 auto’s op het platform te hebben. Nu staat de teller op 45.000, dus om onze ambitie te halen moeten we hard groeien. We denken nu na over de koers: moet je extra inzetten op de landen waar je al zit, of moeten we uitbreiden naar andere landen.

Geef je op voor het Nationale Export Event

Meld je nu aan voor het Nationale Export Event op 1 november in Barneveld!

Copyright © Nationaal Export Event Theme by: Theme Horse Powered by: Wordpress